Gyn-Care.nl - Gynaecologie & Verloskunde HagaZiekenhuis, Den Haag

Zaken die besproken worden op het Verpleegkundig Spreekuur Verloskunde

Kraamzorg

Kraamzorg is een belangrijke zorgverlenende instantie, die zorg geeft aan moeder en kind na de bevalling. De kraamverzorgster zorgt voor moeder en kind en geeft voorlichting aan de ouders over de verzorging van hun kind. Kraamzorg is niet verplicht, het wordt echter wel sterk aangeraden om dit te regelen! In Nederland heeft iedereen die verzekerd is, recht op kraamzorg. Onder andere afhankelijk van uw verzekering, bepaalt een indicatie bureau op hoeveel uren kraamzorg u recht heeft. 


Mocht u langer in het ziekenhuis moeten blijven, gaan deze uren af van het aantal uren kraamzorg. In enkele gevallen is uitgestelde kraamzorg mogelijk (bijvoorbeeld als uw kindje in het kinderziekenhuis ligt).Het belangrijk om al op tijd kraamzorg te regelen. Het wordt aangeraden dit rond de 12e week van de zwangerschap te doen.Er zijn verschillende kraambureaus in Den Haag en omgeving. In de link hieronder vindt u een lijst met adressen van verschillende kraamzorgbureaus. adressen Haagse kraamzorgbureaus

 

 

Verloskundige nazorg

 

In tegenstelling tot de kraamzorg, is verloskundige nazorg wel verplicht voor iedereen. Ook al bent u onder controle bij de gynaecoloog en zal de gynaecoloog de bevalling begeleiden, ook dan heeft u voor de zorg na de bevalling een verloskundige nodig. De verloskundige neemt de zorg na de bevalling thuis over. De eerste dagen na de bevalling komen zij bij u thuis om te kijken hoe het gaat met moeder en kind. Zij werken nauw samen met de kraamzorg.Een verloskundige moet u zelf regelen. Het is verstandig om een verloskundige uit te kiezen die bij u in de buurt werkzaam is. In de link hieronder vindt u een lijst met adressen van verloskundige praktijken. Het is verstandig dat u dit voor de bevalling al regelt. adressen verloskundigen in den haag

 

 

Doet u mee aan de opbouw van de publieke navelstrengbloedbank?

 

Door het afstaan van navelstrengbloed geeft u aan uw bevalling een extra dimensie. U helpt een medemens met een ernstige ziekte. Het geven van navelstrengbloed is een kleine moeite en is pijnloos voor moeder en baby. Vergeet niet dat navelstrengbloed normaal gesproken gewoon wordt weggegooid.

 

Uw Gynaecoloog heeft u gevraagd of het navelstrengbloed na de bevalling bij de publieke navelstrengbloedbank mag worden opgeslagen. Hiermee biedt u patiënten, o.a. kinderen met ernstige bloedziekten, zoals leukemie, een kans op genezing. Sinds de jaren 60 worden stamcellen uit het beenmerg van gezonde donoren gebruikt bij de behandeling van leukemie. In de loop van de jaren zijn er naast beenmerg alternatieven gekomen voor stamceldonaties. In 1988 werd de eerste succesvolle transplantatie met stamcellen uit navelstrengbloed verricht. Sindsdien zijn er overal ter wereld Navelstrengbloedbanken opgericht. Bij de publieke navelstrengbloedbank doneer je voor elkaar, voor een ander, maar een ander ook voor jou als jij het nodig hebt.


Onmiddellijk na de geboorte van uw baby, nadat de navelstreng is doorgeknipt, wordt het bloed uit de moederkoek via de navelstreng opgevangen. Als de afname is geslaagd, worden enkele buisjes bloed bij u afgenomen. Uw bloed wordt onderzocht op ziekten die via het bloed overgedragen kunnen worden. Indien er bijzonderheden worden gevonden in uw bloed wordt u hiervan op de hoogte gebracht. Als de afname niet is geslaagd, wordt het navelstrengbloed gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek. Als u daar bezwaar tegen heeft, kunt u dit aangeven op de toestemmingsverklaring. Wilt u meedoen dan kunt u de vragenlijst invullen die u in de folder donatie van navelstrengbloed zit. Deze heeft u gekregen in de foldermap tijdens het intake gesprek bij uw gynaecoloog. De ingevulde vragenlijst kunt u inleveren bij de verpleegkundige tijdens het verpleegkundig spreekuur of bij uw gynaecoloog. Wilt u meer weten, neem dan contact op via het e-mail adres: info.navelstrengbloedbank@sanquin.nl of bel 071-5685170 (tijdens kantooruren).

 

 

Zwangerschapscursus


Voor een goede voorbereiding op de bevalling adviseren wij u om een zwangerschaps cursus te volgen. Er zijn hiervoor verschillende mogelijkheden. De meeste cursussen worden door  thuiszorg organisaties als Meavita en Florence aangeboden op verschillende locaties in Den haag. Ook zijn er Fysiotherapie, mensendieck praktijken  en yoga scholen die een cursus aanbieden.Hieronder benoemen wij de verschillende soorten cursussen in het kort. Misschien kan dit u helpen bij het maken van een keuze.


Zwangerschapsgymnastiek


De meest bekende is zwangerschapscursus  is zwangerschapsgymnastiek.Tijdens deze cursus doe je bepaalde oefeningen die zijn bedoelt om je spieren soepeler en steviger te maken.Daarbij gaat het met name om de spieren die je tijdens je zwangerschap en de bevalling extra belast: je buikspieren en de bekkenbodemspieren.Verder leer je ademhalingstechnieken die je helpen bij het opvangen van de weeën en oefeningen die je leren te ontspannen.Ook krijg je tijdens de lessen algemene informatie over de zwangerschap en de bevalling.Bij deze cursus is er altijd een partner avond waarbij de partner mee mag komen. U kunt ook de cursus Samen bevallen volgen.Tijdens deze cursus volgt u alle lessen samen.Buiten de bovenstaande onderwerpen is er nog meer aandacht voor de ondersteunende rol van de partner, zodat deze actief betrokken kan zijn bij de bevalling.


Zwangerschapsyoga


De houdingen die aangenomen worden tijdens de zwangerschapsyoga zijn speciaal gericht op die houdingen en bewegingen die natuurlijk zijn bij de bevalling. Zo kun je vertouwen krijgen in je eigen kunnen zodat je jezelf tijdens de bevalling beter kunt ontspannen. Ook het leren beheersen van de ademhaling speelt een belangrijke rol. Verder wordt er aandacht besteed aan onderwerpen als: contact maken met je baby, omgaan met pijn en angst, en het verschil tussen spanning en ontspanning. Als partner leer je vrouw /vriendin te observeren, te begeleiden  en te masseren tijdens de bevalling.

 

 Zwangerschapscursus op basis van oefentherapie Mensendieck.

 

Oefentherapie-mensendieck is een therapie die mensen bewust maakt van hun houding en manier van bewegen. Bepaalde klachten die in de zwangerschap kunnen ontstaan zoals rug en bekkenpijn  kun je hierdoor verkomen of verminderen. Ook is er in deze lessen veel aandacht voor de ademhaling en ontspanning. Waardoor je meer vertrouwen krijgt in  je lichaam tijdens de zwangerschap en de bevalling.


On-line zwangerschapscursus:

 

Een speciale zwangerschapscursus waarvoor je de deur niet uit hoeft. Je kan de eerste 3 weken gratis proberen voordat u de keuze hoeft te maken om verder te gaan met de cursus. De totale cursus bedraagt slechts 10 euro. U krijgt iedere week informatie aangepast op de zwangerschapsweek waarin u zich bevindt. Een superleuke en vernieuwde manier van zwangerschapscursus. U kunt zich aanmelden voor deze cursus via www.bewusteouders.nl


 

Cursus borstvoeding:


Als u borstvoeding wilt gaan geven of informatie over borstvoeding wilt krijgen omdat u nog geen keuze heeft gemaakt is er de mogelijkheid tot het volgen van een cursus borstvoeding. Deze cursus wordt vaak aangeboden door het kraamcentrum waar u ook de kraamzorg heeft geregeld. Ook bij borstvoedingsorganisaties kunt u zich aanmelden. De volgende onderwerpen worden hier besproken: Hoe werkt borstvoeding, Borstvoeding in de kraamtijd, Problemen voorkomen en oplossen en borstvoeding na de kraamtijd.

 

Uiteraard zijn er nog veel meer mogelijkheden zoals: Zwangerschapszwemmen, haptonomie, Fit na de bevalling, babymassage. Wij kunnen u hierover informatie en foldermateriaal verstrekken.



 

Lichamelijke veranderingen horend bij de zwangerschap


Het moeder worden is voor de vrouw een belangrijke fase die grote consequenties heeft voor haar verdere leven. Het moederschap brengt veel lichamelijke veranderingen met zich mee. De meeste veranderingen zullen we bespreken op deze site


1.    Amenorroe en duur van de zwangerschap


Amenorroe betekent: niet  menstrueren. De werkelijke duur van de zwangerschap zou vanaf de conceptie berekend moeten worden.

Dit wordt volgens internationale afspraak echter niet gedaan.De zwangerschapsduur wordt berekend vanaf de eerste dag van de laatste menstruatie. De datum waarop de vermoedelijke bevalling zal plaatsvinden is 40 weken na de eerste dag van de laatste menstruatie. De zwangerschap is verdeeld in 3 trimesters :

  • Eerste trimester: onder 16 weken
  • Tweede trimester: 16 t/m 27 weken
  • Derde trimester: boven 28 weken

2.    Geslachtsorganen


De baarmoeder neemt tijdens de zwangerschap sterk in omvang en gewicht toe.

De niet zwangere baarmoeder is ongeveer 8 cm lang en weegt circa 50 gram. Aan het einde van de zwangerschap is de lengte meer dan 30 cm en het gewicht ongeveer 1000 gram. Tijdens de zwangerschap neemt de doorbloeding van de uterus en van de organen in het kleine bekken toe.


3.    Mammae (borsten)


Door versterkte doorbloeding en vochtophoping zijn de borsten meer gespannen. Er is uitgroei van de melkgangen en het klierweefsel. Meestal treedt versterkte vaattekening op. De tepelhof wordt sterker gepigmenteerd en de kliertjes van Montgomery worden duidelijk zichtbaar.  Soms treedt vochtafscheiding  uit de tepels op (Colostrum)

 

4.    Bloedvolume en bloeddruk


Het totale bloedvolume neemt vanaf de tiende week toe tot 20-30 procent boven het normale volume. Het bloedvolume neemt sterker toe dan het aantal erytrocyten (rode bloedlichaampjes), met als gevolg verdunning van het bloed. Tijdens de zwangerschap is dan ook het Hb lager dan in niet zwangere toestand. De Systolische (boven) bloeddruk blijft in principe constant. Door afname van de perifere weestand daalt de diastolische (onder) bloeddruk vanaf het eerste trimester, met een laagste niveau rond de 20-24 weken. In het derde trimester stijgt de diastolische bloeddruk weer tot uitgangsniveau.


5.    Ademhaling


Naarmate de baarmoeder groeit wordt het middenrif steeds verder naar boven geduwd. Dikwijls wordt hierdoor de ademhaling van de zwangere vrouw versneld. Hyperventilatie en gevoelens van kortademigheid komen daardoor tijdens de zwangerschap regelmatig voor.


6.    Urinewegen


Tijdens de zwangerschap werken de nieren harder dan in niet zwangere toestand. Vaak  komt er bij de zwangere vrouw glucose in de urine voor. Ook is de uitscheiding van eiwitten en aminozuren in de urine toegenomen. Hierdoor krijgen bacteriën meer kans. Omdat bovendien de urineleiders en het nierbekken verwijd zijn en doordat de blaas door de groeiende baarmoeder enigszins van ligging verandert, komen vaker plasklachten en blaasontstekingen voor.


7.    stofwisseling


Er zijn grote individuele verschillen in de gewichtstoename tijdens de zwangerschap. Meestal wordt gesteld dat de eerstbarenden ongeveer 10 kilo aan mogen komen en zwanger van het tweede kind of meer  ongeveer 12 kilo. Een vermageringsdieet tijdens de zwangerschap wordt afgeraden. Voor informatie over een goede afwisselende voeding in de zwangerschap kunt u op het verpleegkundig spreekuur terecht.

 

8.    skelet en spierstelsel


Tijdens de zwangerschap is de behoefte aan calcium en fosfor met 30% toegenomen. De lichaamshouding verandert , waardoor vaker rugklachten voorkomen. Ook treedt er verweking van bindweefsel op, waardoor de banden soepeler worden. Als gevolg daarvan zijn de gewrichten mobieler maar minder stabiel. Waardoor er in de zwangerschap vaker rugklachten kunnen ontstaan.


9.    de huid


Dikwijls komen rode spinachtige vlekjes voor die echter na de zwangerschap weer verdwijnen. Wanner de baarmoeder groeit kunnen door de rekking kleine scheurtjes ontstaan in de huid, Striae of zwangerschapsstriemen genoemd. Daar is in principe niets tegen te doen. Ook treden er pigmentatie veranderingen op. Bijvoorbeeld het zwangerschapsmasker door de zon en het donkerder worden van de tepelhof. Daarom wordt in de zwangerschap geadviseerd een hoge beschermingsfactor zonnebrand te gebruiken en met het gezicht in de schaduw te blijven.

 

Dit zijn de normale lichamelijke veranderingen. U kunt zich voorstellen dat zich door al deze lichamelijke veranderingen allerlei klachten kunnen ontwikkelen. Denk aan bijvoorbeeld misselijkheid, pijn in de rug en bekken, urineweginfectie, obstipatie. Als u hier vragen over heeft meld het aan uw gynaecoloog en of verloskundige. Natuurlijk nemen wij op het verpleegkundig spreekuur ook uitgebreid de tijd om hier advies over te geven. 

 

 

Erkenning in de zwangerschap

 

Als de ouders van het kind niet getrouwd zijn kan de vader van het kind het kind erkennen. De dienstburgerzaken van de gemeente maakt een erkenningakte op. Bij de erkenning is schriftelijke toestemming van de moeder nodig. Wilt u dat het kind de achternaam van de vader krijgt, dan moet de moeder bij de erkenning van het eerste kind persoonlijk aanwezig zijn om toestemming te geven voor de erkenning en de naamskeuze. Bij erkenning van eventueel volgende kinderen uit dezelfde relatie volstaat schriftelijke toestemming van de moeder.


Wat heb ik nodig:

  • geldig legitimatiebewijs van erkenner en moeder

Hoe vraag ik het aan:

  • voor erkenning van een ongeboren kind kunt u terecht bij de dienst burgerzaken op een van de 8 stadsdeelkantoren.

Voor meer informatie over:

  • Naamskeuze; www.denhaag.nl/smartsite.html?id=21549
  • Erkenning in de zwangerschap; www.denhaag.nl/smartsite.html?id=21569
  • Erkenning na de geboorte: www.denhaag.nl/smartsite.html?id=21416
  • Erkenning en gezag/ voogdij; www.justitie.nl
  • Geboorteaangifte; www.denhaag.nl/smartsite.html?id=21415
  • Verblijfsvergunning voor niet Nederlandse pasgeborenen; tel: 0900-1234561


Aangifte in het HagaZiekenhuis

 

De aangifte van de pasgeboren baby is vaak een taak van de kersverse vader. De geboorte aangifte bij de burgerlijke stand moet binnen 3 werkdagen gebeuren. In het Haga Ziekenhuis bestaat de mogelijkheid om in het ziekenhuis aangifte te doen bij de burgerlijke stand. Elke werkdag komt er een ambtenaar van de burgerlijke stand naar het Haga Ziekenhuis om de geboorteaangiftes te doen. Op deze manier kunnen de ouders samen aangifte doen. Het doen van aangifte in het ziekenhuis gaat op afspraak en geldt alleen voor mensen die nog in het ziekenhuis verblijven. Na de bevalling kan de verpleegkundige voor u een afspraak maken als u hiervan gebruik wilt maken.


De volgende papieren moet u dan meenemen naar het ziekenhuis:

  • identiteitsbewijs van beide ouders
  • eventueel trouwboekje
  • eventueel erkenningspapieren

 

Ontslag / naar huis na de bevalling

 

Wanneer u na de bevalling naar huis kan, is afhankelijk van het verloop van de bevalling en het tijdstip waarop u bevallen bent. Als de bevalling voorspoedig is verlopen en het gaat goed met moeder en kind, kunt u meestal 3 tot 4 uur na de bevalling het ziekenhuis verlaten. U krijgt dan een overdracht mee voor de kraamzorg en de verloskundige. Tevens vertelt de verpleegkundige u in het ontslaggesprek waar u op moet letten thuis en geeft zij nog tips en informatie mee. Als u bij gynaecoloog onder controle was, is het afhankelijk van de medische indicatie wanneer u het ziekenhuis kunt verlaten. De verpleegkundige die voor u zorgt, zal u daarover informeren. Als u naar huis mag, krijgt u ook een overdracht mee voor de kraamzorg en verloskundige. Een afspraak voor een controle op de polikliniek krijgt u thuisgestuurd.

  

Wie neemt de zorg over


Als u thuis bent, is de verloskundige degene die verantwoordelijk is voor de zorg voor u en uw kindje. Als u kraamzorg geregeld heeft, zal de kraamzorg de verloskundige op de hoogte houden van de situatie. Als u geen kraamzorg heeft geregeld, is de verloskundige uw eerste aanspreekpunt gedurende de eerste6 weken na de bevalling. In de periode daarna kunt u bij de huisarts terecht en bij het consultatiebureau.



Hielprik: RIVM ( rijks instituut voor volksgezondheid en milieu)

 

Doel van het onderzoek:


In de eerste week na de geboorte van uw kind wordt wat bloed afgenomen uit de hiel. De verloskundige of de verpleegkundige  neemt rond de 4e dag af. In een laboratorium wordt dit bloed onderzocht op een aantal aandoeningen. Het onderzoek is belangrijk. Tijdige opsporing van deze aandoeningen kan ernstige schade aan de lichamelijke of geestelijke ontwikkeling voorkomen of beperken. De aandoeningen zijn niet te genezen maar wel goed te behandelen met bijvoorbeeld medicijnen of een dieet.

 

Erfelijkheid:


Als uit de screening blijkt dat uw kind een aandoening heeft betekend dit meestal dat een ouder drager is van die aandoening. Dragers hebben de aandoening zelf niet maar dragerschap kan wel gevolgen hebben voor een eventueel volgende zwangerschap. Uit onderzoek kan blijken dat uw kind drager is van de sikkelcelziekte, dit is een erfelijke bloedarmoede. Als blijkt dat uw kind drager is van deze sikkelcelziekte betekend dit dat een of beide ouders drager zijn. U krijgt hierover bericht via uw huisarts. Wilt u deze informatie niet ontvangen geeft u dit dan aan bij diegene die de hielprik uitvoert

 

Na het onderzoek wordt het bloed een jaar in het laboratorium bewaard. Na deze periode mag het RIVM het bloed nog 4 jaar gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek. Dit onderzoek is nodig om ziekte te voorkomen en behandelingen te verbeteren. Dit wetenschappelijk onderzoek gebeurt anoniem en hiervoor wordt altijd uw toestemming gevraagd. Als u hier bezwaar tegen heeft kunt u dit zeggen tegen diegene die de hielprik uitvoert, deze zal uw bezwaar aantekenen op de hielprikkaart. Voor meer informatie over de hielprik en de aandoeningen kunt u terecht op de site: www.rivm.nl/hielprik



Consultatiebureau

 

Het consultatiebureau is een organisatie die de zorg coördineert en ouders informeert over de ontwikkeling van hun kinderen tot 4 jaar. Als de geboorte aangifte bij de burgerlijke stand is gedaan, dan krijgt u automatisch contact met het consultatiebureau. Het eerste contact bestaat meestal uit een huisbezoek van de wijkverpleegkundige. Bij het consultatiebureau werken wijkverpleegkundigen en consultatiebureauartsen die de groei en ontwikkeling van uw kindje in kaart brengen en de nodige zorg (zoals vaccinaties) regelen. Nadat u bevallen bent, neemt het consultatiebureau contact met u op voor een eerste huisbezoek.


Gehoorscreening bij pasgeborenen

 

Inde eerste maand na de geboorte krijgt uw baby een gehoortest. Met deze test wordt gemeten of uw baby goed genoeg hoort om te leren praten. De gehoortest wordt aangeboden door de jeugdgezondheidszorg en uitgevoerd door een verpleegkundige van het consultatiebureau. De gehoortest wordt thuis gedaan.


Hoe werkt het:


De screener doet een zacht dopje in het oor van de baby, het dopje is verbonden met een meetapparaat. Dit apparaat meet het gehoor van uw baby. De test duurt enkele minuten en doet geen pijn. Uw baby merkt er nauwelijks iets van en slaapt meestal rustig door. Het resultaat van de gehoortest is direct bekend. Als de uitslag onvoldoende is wordt de test na ongeveer een week herhaald. Meer informatie kunt u vinden op; www.rivm.nl/gehoorscreening

 

 

Nacontrole


Als u tijdens uw zwangerschap onder controle was bij de gynaecoloog, zult u voor een nacontrole op de polikliniek langskomen. Deze nacontrole is meestal zo’n 6 weken na de bevalling. Een afspraak hiervoor krijgt u thuisgestuurd. In sommige gevallen kan deze nacontrole ook telefonisch plaatsvinden. Een gespecialiseerd verpleegkundige belt u na 2 en 5  weken op en bespreekt met u datgene wat anders de arts met u zou bespreken.( Mocht het nodig zijn dan wordt er een spoedafspraak bij de gynaecoloog gemaakt). Of u hiervoor in aanmerking komt, hoort u van de verpleegkundige als u met ontslag gaat. Was u tijdens de zwangerschap onder controle bij de verloskundige, maar heeft de gynaecoloog de bevalling begeleidt, dan gaat u in de meeste gevallen voor de nacontrole gewoon terug naar de verloskundige. In enkele gevallen, wil de arts u ook graag terug zien. Dit hoort u van de verpleegkundige na de bevalling.

 

 

De Kraamtijd

 

De baby is er, en elke dag wen je er meer aan. Dikwijls ben je heel gelukkig met dit schattige knuffeltje, soms word je ook wel eens hopeloos van dat kleine tirannetje. Het beginnende moederschap is fantastisch, maar ook een zware job. Bovendien voel je je de eerste maanden na de bevalling nog niet echt kiplekker… Het hoort erbij, maar gelukkig gaat het voorbij!

 

Moe-oe-oe-oe!


Geen wonder dat je de eerste maanden erg moe bent. In de eerste plaats heeft je lichaam twee topprestaties achter de rug: je bent maar liefst negen maanden zwanger geweest, en na die krachttoer ben je bevallen. Enkele dagen kon je op adem komen, maar toen je thuiskwam vroeg de baby meteen om heel veel energie van jou. Een nieuwe baby in huis is meer dan een fulltime job!

Deze vermoeidheid neemt vanzelf weer af. Het lichaam tijd nodig om te herstellen na deze zware periode. U groeit in uw rol als ouder en de baby verkrijgt zijn plekje in het gezin.

 

Onverwachte plasjes


Tijdens de zwangerschap en/of de bevalling kunnen de bekkenbodemspieren het zwaar te verduren gehad hebben. Zij kunnen tijdelijk verzwakt zijn, waardoor de blaas kan lekken en je makkelijk ongecontroleerde plasjes doet: bij het niezen, hoesten, lachen, bij een heftige beweging, het tillen van iets zwaars, Deze urine-incontinentie is vaak een tijdelijk probleem, als u na een half jaar nog last heeft van urine verlies kunt u contact opnemen met uw huisarts of gynaecoloog.


Vraag naar de folder bekkenbodemoefeningen na de bevalling aan de verpleegkundige tijdens het verpleegkundig spreekuur.

 

Rugpijn


Rugpijn is een veel voorkomende klacht, die soms tot enkele maanden kan duren. Rugpijn wordt dikwijls veroorzaakt door vermoeidheid, maar ook door verslapte buikspieren. Omdat de gemoedstoestand en stress een invloed hebben op de spierspanning kunnen ook deze twee factoren een mogelijke oorzaak van rugpijn zijn.


De remedie:


  • Werk altijd met een rechte rug
  • Draag geen grote lasten. Moet je toch iets zwaars tillen? Ga dan door de knieën en laat bij het tillen je benen het zware werk doen.
  • Goede rugsporten zijn zwemmen, fietsen en wandelen.
  • Om het even waar je zit, je rug moet lekker zitten. Verander van stoel of zetel, neem een kussen, maar blijf vooral niet ongemakkelijk zitten.
  • Je rug heeft ’s nachts een goede matras nodig: niet te zacht, niet te hard, de rug goed ondersteunend.
  • Telkens je eraan denkt, trek je de buik in en span je de bilspieren op, terwijl je rustig blijft doorademen. Met deze oefening versterk je niet alleen de buikspieren, je zal ook spontaan je rug recht houden.

Laat rugklachten vooral niet aanslepen, betert het niet of verergert het zelfs, dan doe je er goed aan een arts te raadplegen.

 

Bekkenpijn


Tijdens de bevalling staat er veel druk op de botten en gewrichten van je bekken. Veel vrouwen hebben na de bevalling een instabiel gevoel in hun bekken. Heb je last van je bekken, blijf dan in bed liggen. Ga op je zij liggen en breng je bekken in een stabiele positie. Zo gun je de botten rust. Je kan een kussen tussen je benen stoppen. Zo liggen je benen evenwijdig en wordt je bekken zo min mogelijk belast. Als je uit bed stapt probeer dan de knieën bij elkaar te houden zodat je met 2 benen tegelijkertijd uit bed komt. Tijdens de zwangerschap kan je spierkorset verstevigen door het doen van goed buik en rugoefeningen. Deze houdingsadviezen kunt u krijgen bij zwangerschapsgym, zwangerschapsyoga of zwangerschapsmensendieck. Had je al tijdens de zwangerschap last van dit probleem en werd het na de bevalling erger? Praat er dan over met je huisarts.

Naweeën


Na de bevalling krimpt je baarmoeder tot de normale grootte. Hierdoor kan je krachtige samentrekkingen krijgen, de zogenaamde naweeën. De samentrekkingen knijpen de bloedvaten af die naar je placenta liepen, zodat je steeds minder bloed verliest. De kraamhulp controleert of je baarmoeder op de juiste manier inkrimpt. Bij een tweede of derde kindje heeft u vaak nog meer last van naweeën. Borstvoeding geven is zeker bevorderlijk voor het herstel van je baarmoeder. Je baarmoeder wordt namelijk gestimuleerd door het zuigen van je baby. Zorg dat de blaas goed leeg is, alleen dan kan de baarmoeder goed krimpen. In overleg met verloskundige kunt u ook als u borstvoeding geeft zonder bezwaar een paracetamol innemen.

 

Schaamstreek


Vooral de eerste dagen zijn je schaamlippen opgezwollen en dat is geen lekker gevoel. Verkoeling is de beste oplossing. Een washandje met ijsblokjes op de schaamstreek brengt verlichting. Of leg een inlegkruisje nat in de vriezer voordat je het gebruikt. Plaats dit verbandje eerst in een washandje voordat u hem tegen de huid legt. Het is van belang om een aantal keer per dag even op een harde stoel goed rechtop te zitten. Bij het gaan zitten even uitademen, het kan even gevoelig zijn. Als u even rustig doorademt zakt dit gevoel en ervaren de meeste kraamvrouwen dit als prettig. Door het liggen in bed treedt er zwelling op in de schaamstreek, door even goed te zitten drukt u deze zwelling weg waardoor er minder druk op de onderkant ontstaat. De pijn  bij eventuele hechtingen neemt dan ook direct wat af. Ook kan het zijn dat je bent ingeknipt en/of uitgescheurd en gehecht. Dit kan het opstaan en lopen bemoeilijken. Zeker als na een paar dagen de hechtingen gaan 'trekken'. De verloskundige kan er dan voor kiezen om alvast een hechting te verwijderen. De kraamhulp controleert de hechtingen elke dag. Indien u het idee heeft dat de hechting ontstoken zijn( veel pijn, warm aanvoelen, vieze en ruikende lochia, roodheid en zwelling eventueel koorts) overlegt u met de verloskundige voor verder advies.


Vloeien


Na de bevalling heb je een wond in je baarmoeder, op de plaats waar de placenta zat. Het duurt vier tot zes weken voordat deze wond genezen is. Tot die tijd blijf je bloed en wondvocht verliezen. Deze afscheiding wordt kraamzuivering, kraamvloed of lochia genoemd. Maandverband is niet geschikt om de kraamvloed op te vangen. Gebruik speciaal kraamverband of inlegluiers. De vloed verkleurt geleidelijk van helderrood naar bruin, bruingeel, tot geelwit of roze. Het vocht hoort een beetje zoetig en menstruatieachtig te ruiken. Als dat niet zo is, kan er een stukje placenta zijn achtergebleven. Vaak is er dan ook sprake van buikpijn en constateert de kraamzorg dat de baarmoeder niet goed is samengetrokken. In dit geval dient er contact opgenomen te worden met je huisarts of verloskundige.

Als alles goed gaat, is je baarmoeder na zes weken hersteld en heeft een nieuwe laag baarmoederslijm. Je lichaam is dan weer klaar om te menstrueren. Geef je borstvoeding, dan kan je menstruatie nog wel een jaar uitblijven. Je bent dan wel al vruchtbaar. Voor informatie over anticonceptie verwijzen wij u ook naar www.anti-conceptie-online.nl

 

Urineren

 

De eerste dagen na de bevalling is het vaak moeilijk om te plassen. Het weefsel rond je urinebuis is dan opgezwollen, en je blaasspier is onder invloed van hormonen slapper geworden.

Tijdens de bevalling ben je misschien ook nog ingeknipt, uitgescheurd en gehecht. Dit kan een branderig gevoel veroorzaken. Soms merk je ook helemaal niet dat je blaas vol is, omdat de zenuwen van je blaas tijdens de bevalling klem hebben gezeten. Hoewel het dus niet altijd gemakkelijk gaat, is het heel belangrijk om te plassen. Je lichaam begint in de eerste week al het vocht af te voeren, dat je tijdens je zwangerschap hebt vastgehouden. Een volle blaas kan je buikpijn geven en vergroot de kans op infecties. Bovendien kan je baarmoeder niet goed samentrekken als je blaas vol is. Spoel je vagina ook na het plassen goed na met water. Daarmee voorkom je een infectie. Als het plassen de eerste dagen na de bevalling erg pijnlijk is kunt u onder de douche plassen. Doordat de urine dan verdund wordt met water zal het minder branden. Hetzelfde effect bereikt u door tijdens het plassen te spoelen met een met water gevulde spoelfles. Ook is een juiste houding tijdens het urineren van groot belang. U kunt het beste zitten met beide voeten op de grond en een rechte rug. Als u het idee heeft dat u niet goed kunt uitplassen kunt u uw bekken een paar maal kantelen. Neem de tijd tijdens het urineren om goed uit te plassen. Het vocht dat je in je zwangerschap hebt vastgehouden komt er nu allemaal uit in de vorm van veel plassen en zweten. Het is vaak echt geen luxe dat je bed elke dag verschoond wordt!

 

Obstipatie


Onder invloed van hormonen  is de darmfunctie wat vertraagt.  De ontlasting is hierdoor  vaak wat harder. Door pijn in de schaamstreek en angst om de eerste keer ontlasting  te moeten krijgen kunt u obstipatie ontwikkelen. Tips:

  • Let op een goede vezelrijke voeding en voldoende vocht. Minimaal 2 liter (thee en koffie niet meegerekend)
  • Evt. laxerende voeding of roosvisee laxo. Indien u borstvoeding geeft opletten of uw baby hier geen extra krampen of dunne ontlasting van krijgt!
  • Ga als u aandrang voelt naar het toilet, stel dit moment niet uit
  • Neem de tijd voor het toiletbezoek
  • Denk aan een juiste toilethouding. Voor ontlasting houdt dit in met gebogen rug en beide voeten op de grond
  • U hoeft niet bang te zijn dat door het persen tijdens de ontlasting de hechtingen los kunnen  gaan
  • Denk aan een goede hygiëne tijdens en na het toiletbezoek.

 

Aambei


Het is mogelijk dat je van het persen tijdens de bevalling aambeien hebt overgehouden. Dit kan ook ontstaan bij (langdurige) obstipatie. Houd je ontlasting zo zacht door veel drinken en vezelrijk eten. Eventueel kun je aan je huisarts een laxeerdrankje, zetpillen of zalf vragen. Meestal worden de aambeien vanzelf kleiner of verdwijnen helemaal.


Stuwing


Op de 3e of 4e dag begint meestal de melkproductie op gang te komen, ook als je geen borstvoeding wilt geven! Je kunt last krijgen van opgezwollen, gespannen, pijnlijke borsten. Een stevige strakke BH wil wel helpen.  Doe deze BH ’s nachts niet uit. Ook onder de douche moet u hem aanhouden. Na het douchen kunt u direct een schone aantrekken. Geef je borstvoeding, laat je kind dan vaak drinken of kolf wat af. Geef je geen borstvoeding dan zal de melkproductie vanzelf afnemen. Voor meer informatie over stuwing en andere borstvoedings gerelateerde onderwerpen zie www.borstvoeding.nl


Babyblues of postnatale depressie


Naast de lichamelijke klachten is het ook heel normaal dat je geestelijk even wat minder stabiel bent dan voorheen. Er is nogal wat gebeurd, zeker bij een eerste kindje staat je leven toch behoorlijk op zijn kop en je hebt misschien slaaptekort. In combinatie met alle hormonen die nu weer aan het opspelen zijn kun je dus best wel eens last hebben van de beruchte "kraamtranen". De meeste vrouwen hebben hier last van, en dan vaak tussen de 4e en 10e dag na de bevalling. Je bent moe, kan om de kleinste dingen gaan huilen of boos worden en soms zie je het even helemaal niet meer zitten. Dat is niet gek, bijna elke vrouw die een bevalling heeft meegemaakt zal het herkennen. Meestal gaat het om een paar van die buien, of een paar dagen achter elkaar. Maar als het niet overgaat en een goede nachtrust niet helpt praat er dan eens over met je verloskundige of huisarts. Het kan geen kwaad om in deze tijd van zware belasting en weinig slaap uw weerstand te verhogen door het gebruik van een multivitaminepreparaat of  floradix.


Verzorging van de kraamvrouw


Je zult in deze periode misschien extra verlangen naar een warm bad om te ontspannen en weer helemaal schoon te worden, helaas is dat uit den boze zolang je nog vloeit. Door bloedverlies en verminderde weerstand ben je gevoeliger voor infecties. Op de plek waar de placenta aan je baarmoeder heeft vastgezeten zit nu een wond die zolang je vloeit nog niet dicht is en kan gaan infecteren. Douchen mag wel. Neem regelmatig een douche en verschoon het kraamverband / maandverband vaak. Ben je ingeknipt of uitgescheurd, spoel de wond schoon met een fles water na elk toiletbezoek. Dit om te voorkomen dat de hechtingen gaan ontsteken.

Let behalve op hygiëne ook op rust. Probeer 's middags zo lang mogelijk te slapen om weer op krachten te komen. Niet alleen moet je nog bijkomen van de zware fysieke inspanning van de bevalling, je hebt nu waarschijnlijk ook al een hoop gebroken nachten achter de rug en nog veel meer voor de boeg.

 

Kraambezoek


Geniet in ieder geval van deze tijd. Rust zoveel mogelijk uit nu er nog voldoende hulp is. Denk ook goed na over de vrije dagen die je partner op mag nemen nu de baby geboren is. Bij de meeste bedrijven krijgen de werknemers 2 tot 4 dagen vrij. Het kan handig zijn om deze dagen pas op te nemen als de kraamhulp weg is. Maak duidelijke afspraken over kraambezoek. Spreek van tevoren samen af wanneer en hoelang er mensen mogen komen. Aarzel ook niet om bezoek dat te lang blijft hangen erop te wijzen dat kraambezoek niet langer dan een uurtje of hooguit twee mag duren. Niemand zal het je kwalijk nemen dat je voor jezelf opkomt. Het is het handigst om een of twee vaste tijdstippen op een dag aan te wijzen waarin mensen kunnen komen, zodat je dagindeling niet steeds overhoop gegooid wordt. Probeer vooral zelf genoeg te rusten, tussen de middag en 's avonds niet te laat naar bed. Je zult er ongetwijfeld toch een paar keer per nacht uit worden gebruld door een hongerige baby. Je kunt ook een kraamfeest geven. Een paar weken of maanden na de geboorte van je kindje, als je zelf weer een beetje bijgekomen bent, geef je een feest waar je de mensen uitnodigt om de baby te komen bekijken. Dat kan thuis, maar je kunt er ook een gelegenheid voor afhuren. Dan heb je zelf niet elke dag bezoek, geen rommel en hoef je ook niet zelf al die beschuiten te smeren. Kondig het feest aan op de geboortekaartjes, eventueel op een speciaal inlegvel dat je er alleen bij genodigden bij doet.

 

Borstvoeding of flesvoeding


Wat sommige borstvoedingsdeskundigen ook beweren, het is niet altijd makkelijk om borstvoeding te geven. Bij sommige vrouwen en kinderen is er geen enkel probleem, bij anderen leveren die eerste weken een hoop ellende op met stuwing, teveel of te weinig melk, slecht aanleggen, niet goed drinkende baby's, borstontsteking, tepelkloven en vooral veel twijfels. Bedenk goed wat je wilt, borstvoeding geeft de baby een hoop antistoffen mee en het lijkt ook goed voor de moeder te zijn. Vrouwen die lange tijd borstvoeding geven hebben minder kans op borstkanker op latere leeftijd.


Maak voor jezelf de keuze: je bent een even goede moeder of je nu borst- of flesvoeding geeft. Borstvoeding lukt niet? Als je besloten hebt om wel borstvoeding te willen geven maar er zijn problemen, roep dan zo snel mogelijk de hulp in van een lactatiekundige. Het HagaZiekenhuis heeft 2 lactatiekundigen in dienst. Zij zijn telefonisch en per mail bereikbaar voor iedereen die in het HagaZiekenhuis onder controle is. Pieper 7315 of lactatiekundige@hagaziekenhuis.nl

Indien u een huisbezoek wenst kunt u een lactatiekundige bij u in de buurt raadplegen. Het is van belang dat de borstvoeding zo snel mogelijk goed op gang komt. Ga voor adressen en links naar borstvoeding.nl

 

De eerste dagen van je baby


De eerste 10 dagen met je nieuwe baby zijn heel bijzonder. Hopelijk is alles goed gegaan en hoeven moeder en baby niet in het ziekenhuis te blijven. Het zal in ieder geval een periode van wennen zijn. Voor jullie als ouders en ook voor de baby. Het is toch wel een hele verandering in zo'n jong leventje, en dan heb ik nog niet eens over de bevalling gehad die voor een baby ook erg zwaar kan zijn. Niet gek dus dat de baby misschien erg veel huilt de eerste paar dagen. Aan de andere kant slaapt zo'n kleintje natuurlijk ook ontzettend veel. De dagen bestaan vooral uit eten en slapen. Tussendoor een beetje in bad en aangekleed worden en lekker bij pappa of mamma liggen. De baby herkent in ieder geval zijn moeder al aan haar reuk en haar stem. Is je baby onrustig, leg dan eens een door mamma gedragen t-shirt in het bedje: dat ruikt lekker vertrouwd!


Als dit de eerste baby is zal je je vaak afvragen wat je nu precies moet doen en loop je misschien om de paar minuten naar de wieg om te controleren of alles goed gaat. Al die onzekerheid is niet gek, het is allemaal nieuw en er zit geen gebruiksaanwijzing bij je baby. Hoewel de kraamhulp, boeken en het internet je nuttige tips kunnen geven blijft dat theorie en bovendien is elk kindje anders. Zelfs bij een tweede of derde kindje is alles vaak weer nieuw en heb je de eerste weken nodig om de baby te leren kennen en je de handigheid weer eigen te maken van bijvoorbeeld die hele kleine luiertjes verwisselen. Maar wees gerust, voor je het weet zijn jullie gewend. Over een paar weken kun je perfect het 'hongerhuiltje' van het 'slaaphuiltje' en het 'pijnhuiltje' onderscheiden, maak je met je ogen dicht het badje klaar en begrijp je niet meer waarom het allemaal zo ingewikkeld leek.

 

Gewicht, huid en haar


Een voldragen baby weegt bij zijn geboorte meestal zo'n 2,5 tot 4,5 kilo. In de eerste week verliest de baby gewicht. Dat verlies mag oplopen tot 10 procent van het geboortegewicht. Daarna komt hij alleen nog maar aan.


De huid van de pasgeborene hoeft er echt nog niet zacht en donzig uit te zien, sommige baby's hebben nog een beetje de vette vernixlaag die ze in de baarmoeder hadden, andere hebben een uitgedroogde en schilferige huid. Ook dit trekt de komende tijd wel bij. Doe je baby om de andere dag in bad en wees matig met zeep en olie. Een geboortevlek komt bij 1 op de 10 baby's voor. Dit ziet eruit als een rode of bruine plek op de huid. Niet mooi, maar over het algemeen onschuldig en meestal verdwijnen deze ooievaarsbeten vanzelf weer.


Het haar van de baby kan ook enorm verschillen. Vooral donkere kindjes hebben vaak enorm veel haar, maar ook blanke blonde typetjes hebben soms al een grote kuif. Dit "nesthaar" gaat over het algemeen nog wel uitvallen. Over een paar weekjes wordt het dunner en zie je de kale plek op het achterhoofd waar de baby op ligt. Na een paar maandjes begint het weer te groeien, ook bij de baby's die kaal geboren zijn. Kijk maar eens om je heen, kindjes van 1 jaar hebben bijna allemaal een mooie haardos.

 

Zintuigen


Pasgeboren baby´s herkennen de stem van hun moeder, maar ook de taal die zij spreekt. Bij de geboorte kunnen baby´s alle taalklanken onderscheiden die in mensentalen voorkomen. Dat gaat er overigens snel af, na een jaar herkennen ze alleen nog de klanken van hun moedertaal. De baby heeft nog allemaal reflexen. De verloskundige of arts heeft dit allemaal gecontroleerd in de eerste minuten na de geboorte.


Opgezette borstjes of bloedverlies?


Soms hebben baby's de eerste paar maanden na de bevalling nog wat opgezette borstjes, pukkeltjes op de huid of kunnen meisjesbaby's bloedverlies uit de vagina hebben. Niets om je zorgen over te maken, het gaat vanzelf weer over. Het is allemaal de schuld van de hormonen van de moeder die via het bloed ook bij de baby terecht zijn gekomen. Na de bevalling stopt die toevoer van hormonen en dit zorgt soms voor die pseudo-menstruatie.


Afdrukken

Zoeken

Inloggen voor specialisten

Wanneer ben ik uitgerekend?

Selecteer de eerste dag van je laatste menstruatie.

U bent nu zwanger

U bent uitgerekend op

Wat is mijn BMI?

Bereken uw BMI (Body Mass Index).

(kg)
(cm)

Uw BMI is